vlag shcrtt TD kraagspiegel

Stichting Historische Collectie Regiment Technische Troepen

Datum vandaag:

SHCRTT

Sherman tank motor

Continental R975 C4
Sherman motor in RTT-museum.

Sherman 1C Hybrid Fyrefly

Sherman IC Hybrid Firefly
als poortwachter voor het museum.

De tank die als poortwachter voor ons museumpark staat, is een Sherman Firefly.

Om de Panther en later ook de Tiger tanks effectief te bestrijden, bleek het 75 mm kanon van de Sherman tanks te licht. Amerika ging over tot het plaatsen van een krachtiger 76 mm kanon. Engeland nam hiervoor het 17-ponder kanon dat al als antitankkanon ingezet werd. Een hiermee uitgeruste Sherman tank noemden zij “Firefly”.

Zij kozen hiervoor de Sherman M4 Composite met een Continental R975 C1 motor en de M4A4 met de Chrysler multibankmotor. De laatste had een langere romp om deze motor te kunnen plaatsen.

De M4 en M4A1 tanks hadden een volledig gegoten romp. Vanaf M4A2 werden de rompen volledig gelast. De M4 Composite had een gegoten voorkant, gelast aan een verder gelaste romp.

De Engelsen hadden eigen aanduidingen voor de varianten van de Shermans. De M4 Compisite met de 17 ponder noemden zij “Sherman IC Hybrid” en de M4A4 “Sherman VC” waarbij I en V hun Sherman-modelnummers waren en C betekende dat het een Firefly-uitvoering was.

Ontwikkeling R975-motor.

In 1925 ontwikkelde de firma Wright Aeronautical in Paterson, New Jersey, de Whirlwind-familie stermotoren voor haar vliegtuigen. In 1928 ontwierpen zij een negencilinder uitvoering. Die had een slagvolume van afgerond 975 kubieke inch (15.977 cm3) en werd daarom Whirlwind R(adial) 975 (cu. in.) genoemd. Continental Motors in Detroit, Michigan, bouwde deze motor in licentie als Continental R975. Het concept van de motor in ons museum is dus al een eeuw oud.

Voor de aandrijving van tanks werden meestal vliegtuigmotoren gebruikt. Die waren klein in volume, licht in gewicht, hadden relatief veel vermogen en waren in grote aantallen beschikbaar.

M2A1 tanks

M2A1 middelzware tanks US-Army.

M2A1 lichte tank

M2A1 lichte tank.

De M2 lichte tank (links) werd aangedreven door een Continental R-670 zevencilinder radiale benzinemotor, die ongeveer 250 pk leverde.

Voor de ontwikkeling van de M2 middelzware tank (rechts) bleek deze motor te licht en ging men over op de Wright Whirlwind R975 EC2 radiale negencilinder met een vermogen van 346 pk. De uitvoering M2A1 kreeg de door Continental Motors in licentie gebouwde R975E C2 met een vermogen van 350 pk.

Het concept van de M2 middelzware tank was al achterhaald toen de productie in 1939 startte. Er zijn er slechts iets meer dan honderd van geproduceerd. Wel was het de basis voor de voor de verdere ontwikkeling van tanks. Het loopwerk en de aandrijflijn werden overgenomen voor de ontwikkeling van de medium tank M4 Sherman.

De eerste M4 Sherman tanks kregen in 1941 de Continental R975 C1 motor met 350 pk vermogen. In 1943 werd deze opgevolgd door de R975 C4 met 400 pk. Deze motoren waren uitwisselbaar. Bij motorvervanging kreeg de tank een C4-uitvoering.

Beschrijving.


Principewerking van een radiale (ster) motor.

De Continental R975 C4 is een negencilinder radiale luchtgekoelde viertakt benzinemotor met een super charger. Dat is een mechanische luchtcompressor voor de inlaatlucht. De cilinders zijn evenredig verdeeld rondom op de krukkast geplaatst. De drijfstangen van alle zuigers draaien op één en dezelfde kruktap die dus als een slinger wordt rondgedraaid. Van achteren gezien draait de motor rechtsom.

Voor een volledige viertaktcyclus moet de krukas twee omwentelingen maken. Voor de ontsteking wordt steeds één cilinder overgeslagen. Daarom moet een stermotor altijd een oneven aantal cilinders hebben, anders komt dat niet uit. Bij een negencilinder is de volgorde dan 1-3-5-7-9-2-4-6-8. Er kunnen wel twee of meer stermotoren achterelkaar gekoppeld worden waardoor een even aantal cilinders kan ontstaan, maar per rij is het aantal altijd oneven.

Voor de betrouwbaarheid als vliegtuigmotor is hij uitgerust met magneetontsteking waarvoor geen accu nodig is. Hij is daarom ook voorzien van twee magneten en twee bougies per cilinder. De rechter magneet ontsteekt op 29 graden voor het bovenste dode punt, de linker op 26 graden.

De motor is van het dry sump type, wat wil zeggen dat de retourolie direct uit de sump (opvangbak) wordt afgezogen en naar een voorraadtankje onderaan de motor wordt afgevoerd. De afzuigpomp heeft 25% meer capaciteit dan de perspomp om zeker te zijn dat alle olie wordt afgezogen.

Achterzijde Sherman M4A1

Achterzijde Sherman M4A1 met slinger en gaatje in achterwand.

Bij langere stilstand van de motor kan er rondgeslingerde olie uit de krukkast in de onderste cilinder terechtkomen en langs de zuiger in de verbrandingsruimte komen. Als die cilinder in de compressieslag staat, dus beide kleppen gesloten, en het volume van die olie groter is dan de verbrandingskamer, vormt dit een vloeistofslot. Starten zou dan grote schade tot gevolg hebben. Daarom moest iedere dag vóór de eerste start de motor met de slinger een hele omwenteling worden rondgedraaid. Dat betekende vijftig omwentelingen met de handslinger die door een gaatje in de achterwand in de motor gestoken kon worden. Bij een blokkade moest de olie via de bougiegaten van de onderste cilinder worden afgetapt. Na het weer plaatsten van de bougies kon gestart worden. De slinger dient dus niet om de motor te starten!

In een vliegtuig wordt de motor gekoeld door de langsstromende lucht. Voor gebruik in een tank is aan de achterzijde van de motor een grote ventilator aangebracht die tevens als vliegwiel dient. Deze zuigt de lucht via openingen in het motordek langs de motor en de oliekoelers en blaast die naar achteren uit.

Door zijn stervorm is de motor kort, maar erg hoog waardoor de tank ook heel hoog wordt wat hem kwetsbaarder maakt voor vijandelijk vuur.


Toepassing.

De Continental R975 was in zijn C1 en C4-uitvoering een groot succes. Hij werd toegepast in veel van de in die periode ontwikkelde tanks en rupsvoertuigen. Zo is hij onder ander toegepast in de volgende Amerikaanse voertuigen:
M2 Middelzware tank.
M3 Lee middelzware tank.
M7 Priest 105 mm zelfrijdende houwitser.
M4 Sherman middelzware tank.
M18 Hellcat tankjager.

Hij werd ook gebruikt in de Canadese RAM-tank en Sexton 25 ponder zelfrijdend geschut.

Challenger tank in museum Overloon

M3 Lee middelzware tank, 75- en 37 mm kanon.

Comet 2 in Tank Museum Bovington

M4 Composite Sherman middelzware tank, 75 mm kanon.

Charioteer tank in Tank Musuem Bovington

M7 Priest zelfrijdende 105 mm houwitser.

Charioteer tank in Tank Musuem Bovington

M18 Hellcat tankjager, 76 mm kanon.

Gebruik door Nederland.

Nederland heeft na de Tweede Wereldoorlog Shermans in een grote variatie van uitvoeringen overgenomen van de geallieerden, waaronder ook uitvoeringen met deze Continental motor. Sexton 25 ponder houwitsers met deze motor zijn een aantal jaren gebruikt voor instructie op de Artillerieschool. Halverwege de 1950’er waren de meeste Shermans afgelost door Centurion en AMX-tanks en afgeleide versies. Enkele M32 Sherman bergingstanks bleven in TD-werkplaatsen nog wat langer in gebruik.

Sherman M32 recovery

M32 Sherman bergingstank.

Technische gegevens:


Techniek icoonInzien.

PDF download icoonDownloaden.

Voor hen die alles over deze motor willen weten:

PDF download icoonDownloaden Technic Manual.



Terug naar Menu Motoren