Rolls Royce
Centurion motor in
Ontwikkeling.
Merlin motor met super charger en propelleraandrijving.
Tussen de beide wereldoorlogen was Rolls Royce de producent van luxe personenauto’s. Zij ontwikkelden en produceerden het chassis, de motor en de aandrijflijn. De productie van het koetswerk werd gedaan door andere, gespecialiseerde bedrijven. Evenals in de Eerste Wereldoorlog, stelde Rolls Royce ook in de Tweede Wereldoorlog hun productiefaciliteiten beschikbaar aan het Britse War Department. Hun specialiteit was de productie van vliegtuigmotoren, onder andere de succesvolle V12 Merlin benzinemotor voor het Spitfire jachtvliegtuig en de Lancaster bommenwerper.
Voor de aandrijving van tanks werden vóór en tijdens de Tweede Wereldoorlog meestal vliegtuigmotoren gebruikt. Die waren in grote aantallen beschikbaar en hadden veel vermogen bij een relatief gering gewicht en volume. Voor de te ontwikkelen Cromwell tank zou de motor 20 pk per ton gewicht moeten kunnen leveren, hetgeen neerkwam op ongeveer 600 pk.
Liberty L12
Beschikbaar was de Amerikaanse
Ingenieurs van de chassisafdeling van Rolls Royce, die nauwelijks werk hadden omdat er geen vraag naar auto‘s meer was, kregen opdracht om de Merlin motor aan te passen voor gebruik als tankmotor. De Merlin had een super charger, een mechanisch aangedreven luchtlader om op grote hoogte te kunnen vliegen. Die was voor een tankmotor niet nodig.
Van geborgen onderdelen van gecrashte vliegtuigen, bouwden zij een motor zonder deze super charger en andere onderdelen die voor tankmotoren niet nodig waren. Maar ook de draairichting moest veranderen, want versnellingsbakken van voertuigen draaien tegengesteld aan vliegtuigpropellers. Daarvoor moesten ook de nokkenassen worden veranderd. De motor die zo ontstond, noemden zij de “Meteor”. Deze leverde 600 pk en was kleiner in volume dan een
Crusader 1 tank
Cromwell 1 tank in Tankmuseum Bovington, Engeland.
De Meteor motor werd getest in een Crusader tank waar hij de
Productie.
Eind 1941 begon bij Rolls Royce de productie van de Meteor motor. Men kon niet meer volstaan met het gebruik van onderdelen van gecrashte vliegtuigen, er moest ook nieuw geproduceerd worden. Omdat Rolls Royce niet aan de gevraagde aantallen kon voldoen, werd een deel van de productie uitbesteed aan Morris, Meadows en Rover.
Bij Rover werd gewerkt aan de ontwikkeling van straalmotoren. Na een succesvolle test raakte Rolls Royce daarin geïnteresseerd. Eind 1943 besloot men deze ontwikkeling geheel van Rover over te nemen. Als ruil kreeg Rover een contract voor de productie en verdere ontwikkeling van de Rolls Royce tankmotoren.
Antar trekker en
In januari 1944 startte Rover in Acocks Green, in het Zuidwesten van Birmingham, de productie van de
Omdat de serieproductie van de
Buiten de Cromwell tank, werden de Meteor motoren ook toegepast in onder andere de Challenger, de Comet en de Charioteer tanks, allen afgeleid van de Cromwell.
Challenger tank in Oorlogmuseum Overloon.
Comet 2 tank in

Charioteer tank in
Tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog werd de Centurion tank ontwikkeld. Die moest de functies van “cruiser tank” (snelheid) en “infantry tank” (zware pantsering) in zich verenigen. De Centurion werd de eerste “Universal Tank”. Hierin werd de
Een aantal Centurion tanks zijn in 1945 nog opgevoerd naar Duitsland, maar zij kwamen te laat om nog aan gevechten te kunnen deelnemen. De eerste gevechtsacties van de Centurion waren in Korea
Toen Rover de productie in 1964 stopte, waren er ruim 9.000 Meteor motoren geproduceerd.
Aandrijflijn Centurion tank
Op de afbeelding van de opengewerkte aandrijflijn van de Centurion tank ziet u:
Rolls Royce
Gebruik door Nederland.
Nederland heeft de Centurion tank in dienst gehad van 1953 tot 1985. Hij werd afgelost door de Leopard tanks.
Inzien.
Downloaden.