Het Rode Boek (oorspronkelijk Liber Novus, het "Nieuwe Boek") van Carl Gustav Jung is een intiem verslag van zijn persoonlijke crisis van 1913–1916, waarin hij zich overgaf aan een diepgaand innerlijk proces om zijn eigen ziel te "hervinden". uitgeverijvanwarven
Kernonderwerpen van het boek:
| Aspect | Inhoud |
|---|---|
| Doel | Jung documenteerde zijn dromen, fantasieën, visioenen en inzichten tijdens zijn confrontatie met het onbewuste (zowel persoonlijk als collectief) uitgeverijvanwarven |
| Proces | Hij noemde het opschrijven van zijn dromen en fantasieën zijn "moeilijkste experiment" – een vorm van actief fantaseren om het onbewuste te onderzoeken jungacademie |
| Voorstellingen | Jung ontmoet innerlijke figuren zoals Philemon (de oude magiër/gids), Atmavictu (de adem des levens) en Izdubar (de stier-mens) denieuwetendens |
| Belang | Het boek wordt wel de "graal van het onbewuste" genoemd en vormt de kraamkamer van Jung's latere wetenschappelijke werk, inclusief het individuatieproces uitgeverijvanwarven |
| Uiteindelijke roeping | Jung zag het als zijn roeping om een "nieuwe religie" te formuleren op basis van deze innerlijke voorstellingen en dromen denieuwetendens |
Jung schreef eerst in zwarte notitieboeken, kaligrafeerde daarna delen over in een groot rood boek met prachtige schilderingen, en noemde het Liber Novus. Het boek lag tientallen jaren in een Zürichse bankkluis en werd pas in 2009 publiek gepubliceerd. jungacademie
Voor Jung zelf waren deze jaren "de belangrijkste tijd van mijn leven" en zijn latere werkzaamheden bestonden uit het verder uitwerken van wat hij in het Rode Boek ontdekte. denieuwetendens
Bron: ©Perplexity | 1 juni 2026