vlag shcrtt TD kraagspiegel

Stichting Historische Collectie Regiment Technische Troepen

Datum vandaag:

SHCRTT

Hembrug terrein met Artillerie Inrichtingen

Oprichting.

Na het rampjaar 1672, de oorlog met de Fransen, was duidelijk dat de oude kanonnen van het verwaarloosde leger vervangen moesten worden. In 1677 wordt door prins Willem III het Korps Artillerie opgericht en in 1679 besluiten de Raden van de gewesten Holland en Friesland tot de oprichting van een affuitmakerij. Eind 1679 wordt de Staatse Affuitmakerij opgericht in Delft, in de veilige Vesting Holland, ver achter de Hollandse Waterlinie. In ’s-Gravenhage bevond zich de Grof Geschutgieterij en in Culemborg een geweerfabriek. In Delft werden naast affuiten ook gewone handwapens gemaakt.

Productie artilleriegranaten in fabriek Artillerie Inrichtingen.

Projectieldraaierij. Op de voorgrond oefenpantsergranaten 24 cm.
Foto NIMH.

Militair bedrijf.

Van 1815 tot aan de Eerste Wereldoorlog zwaaiden militairen de scepter. Kolonel der Artillerie Huguenin was hierbij een voornaam persoon. Hij gaf aanleiding tot kwaliteitsimpulsen en opmerkelijke bedrijfskundige aanpassingen. Er werden toen allerhande soorten munitie gemaakt, kanonnen gegoten en bewerkt en handvuurwapens vervaardigd. Ook fijn metaalbewerking werd een kernactiviteit voor het vervaardigen van richttoestellen en percussie-instrumenten. In 1860 werd er een aparte pyrotechnische fabriek opgericht.

Hembrug terrein met Artillerie Inrichtingen

Naamswijziging.

In 1887 werd de naam Artillerie Inrichtingen ingevoerd. Naast de fabrieken in Delft ressorteerden daaronder ook de in ’s-Gravenhage gevestigde Geschutgieterij en de Commissie van Proefnemingen, evenals alle magazijnmeesters die bij het leger verantwoordelijk waren voor het beheer van de arsenalen. Het geheel kwam onder verantwoordelijkheid van het Ministerie van Oorlog te staan.

Verhuizing naar Zaandam.

Hembrug terrein met Artillerie Inrichtingen

De Hembrug met daarachter het complex van de Artillerie Inrichtingen. 1920 - 1940.

De invoering van een nieuw geweer voor het Nederlandse en het Nederlands-Indische leger, waren aanleiding om een nieuwe vestiging op te richten. Besloten werd deze te bouwen in de stelling van Amsterdam, die als laatste bolwerk van de Nederlandse verdediging gold. In 1899 werd de nieuwe fabriek in gebruik genomen op het Hemveld aan het Noordzeekanaal tussen Amsterdam en Zaandam. De affuitenwerkplaats in Delft werd een kleine nevenvestiging en in 1904 werd de Geschutgieterij van ’s-Gravenhage verplaatst naar Zaandam.

Hembrug.

De naam Hembrug die deze fabriek later kreeg, dankte zij aan de in 1909 over het Noordzeekanaal gebouwde spoorbrug. Een kanaal met daarnaast gelegen terrein werd ook wel “hem” genoemd. Daarom kreeg deze spoorbrug de naam Hembrug. Die naam werd overgenomen voor het terrein en de fabriek.

De eerste helft van de 20e eeuw.

Voor de (fijn) metaalbewerking waren precisiedraaibanken en metaalbewerkingsapparatuur nodig die de fabriek zelf ging maken. De AI Hembrug draaibanken zijn daarvan heel bekend.

Hembrug terrein met Artillerie Inrichtingen

AI Hembrug DR1 draaibank in SHCRTT-werkplaats in Kamp Nieuw Milligen 2016.

In 1912 werden de Artillerie Inrichtingen aangewezen als staatsbedrijf met een raad van toezicht en een eigen budget onder de Minister van Financiën. Dat was het einde van het militaire gezag binnen het bedrijf.

Vlak voordat de Eerste Wereldoorlog uitbrak, was de AI Hembrug een volwaardig wapen- en munitiebedrijf met een grote onderzoek- en testafdeling. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was er grote vraag naar wapens en munitie. In 1917 bood de fabriek werk aan ongeveer 8.500 man. (Dit aantal is nadien niet meer geëvenaard.)

Na de Eerste Wereldoorlog was er geen vraag meer naar wapens. Voor een deel werd dit opgevangen door civiele productie, maar in 1921 was het personeelsbestand gezakt tot onder de 2.000 man en overwoog men zelfs om de fabrieken te sluiten. (Met de Volkenbond zou er toch nooit meer oorlog komen.....)

In 1928 gingen de Artillerie Inrichtingen over in een Naamloze Vennootschap waardoor de directie wat meer vrijheid kreeg. De productie voor civiele opdrachtgevers werd opgevoerd. Met de dreiging van de Tweede wereldoorlog nam vanaf 1935 de vraag naar wapens en munitie weer toe.


Tweede Wereldoorlog.

In de meidagen van 1940 was vernieling van de fabrieken voorzien en voorbereid. Echter, op 14 mei, de dag van de capitulatie, gaf de opperbevelhebber generaal Winkelman geen toestemming om de gebouwen op te blazen. Na de capitulatie zou vernieling in strijd zijn geweest met het Land Oorlogsrecht. Zo vielen de Artillerie Inrichtingen en haar voorraden wapens en munitie ongeschonden in handen van de Duitse bezetter. Alleen de vestiging in Delft kon nog in het geheim worden ontmanteld.

Manipulatie met het Land Oorlogsrecht door de toenmalige landsadvocaat, stelde de bezetter in staat om op 20 juni 1940 de Hembrug-fabrieken met de oorspronkelijke directie en personeel weer in bedrijf te nemen. Maar, voordat er sprake was van wapendroppingen door de geallieerden, voorzag personeel van de Artillerie Inrichtingen het ontluikende gewapend verzet in Nederland van pistolen, handgranaten en explosieven door deze in kleine aantallen het fabrieksterrein af te smokkelen.

Hembrug terrein met Artillerie Inrichtingen

Rapport Politie Zaandam 26 februari 1941.

Tijdens de "Februaristaking" in 1941 legde ook het personeel van de Artillerie Inrichtingen om 11.00 uur het werk neer. Zie daarover het rapport van die datum van de politie van Zaandam. Klik op het rapport hiernaast.

Er werd ook gesaboteerd door steeds meer vaklieden en machines te verplaatsen naar de civiele productie of af te vloeien, zodat de wapenproductie tot een minimum werd beperkt. Van de 6.430 werknemers aan het begin van de bezetting, waren er drie jaar later nog maar 1.700 over. Toen in september 1944 de Spoorwegstaking uitbrak, dook het overgebleven personeel massaal onder. Daarmee eindigde ook het laatste beetje productie op het Hembrugterrein.

De naoorlogse periode.

AR-10 geweer met toebehoren.

Het AR-10 geweer, in licentie van Armalite geproduceerd en verkocht, werd geen succes. Armalite ontwikkelde dit door tot het M16 geweer dat door Colt geproduceerd werd en wel een succes bleek.

Na de bevrijding in 1945 werd het bedrijf weer opgestart. Met steun van het Amerikaanse Marshallplan werden er landbouwwerktuigen gemaakt ten behoeve van de naoorlogse mechanisatie van de Nederlandse landbouw. Door de oorlog in Nederlands-Indië en de koude oorlog, nam de vraag naar wapens en munitie weer toe. Bij de metaalbewerkingsmachines werd de Computer Numerical Control (CNC) machine ingevoerd en vanaf 1969 ging het bedrijf zich toeleggen op de productie van deze precisie draaibanken die onder de naam “Mikroturn” werden verkocht.

In 1973 werd het bedrijf gesplitst in twee zelfstandige eenheden. “Eurometaal” voor de productie van wapens en munitie en “Gereedschapswerktuigen Industrie Hembrug” voor de productie van precisie gereedschapswerktuigen. Dit laatste bedrijf werd in 1983 geprivatiseerd en verhuisde naar de Figeeweg in Haarlem.

Door de invoering van schietsimulators en later de ontbinding van het Sovjetpact, nam de behoefte aan munitie sterk af. Eurometaal probeerde te overleven door te produceren voor de civiele markt, zoals onderdelen voor auto’s en heftrucks, melkrobots, hoogwaardige precisiegereedschap, zeilboten en dergelijke.

Het einde.

In 1999 nam de Duitse wapen- en munitiegigant Rheinmetall een twee derde meerderheidsbelang in Eurometaal. De vraag naar wapens en munitie nam echter nog verder af. In 2003 stopte Rheinmetall de productie van het moederbedrijf Eurometaal in Zaandam en ook die van haar nevenvestiging Franerex in Hoogerheide. Alleen het geprivatiseerde Hembrug in Haarlem zette de productie van precisie gereedschapswerktuigen voort.

Daarna.

Op het Hembrugterrein vond het Hembrugmuseum, onderdeel van het Zaans Museum, een plaats in twee transformatorhuisjes. Klik op het logo om de website van het museum te bezoeken.

In de oude patroonfabriek werd het opleidingscentrum “Tetrix” gevestigd. Dit is voortgekomen uit de in 1939 door de Artillerie Inrichtingen opgerichte bedrijfsschool.

Een aantal fabrieksgebouwen, compleet met onderaardse schuiltunnels, zijn behouden gebleven en vormen een belangrijk industrieel monument. Het om explosies op te vangen aangeplante “Schokbos” staat op kleigrond en is daardoor een voor Nederland bijzondere biotoop. Ook dit is een monument.

Enkele machines van de Artillerie Inrichtingen en ook de NEKAF Diesel, die werd gebruikt voor het trekken van lorries met ontplofbare stoffen, kwamen ter beschikking van onze collectie. U vindt de NEKAF verderop in de tentoonstelling.

Machinewand van Artillerie Inrichtingen in TD museum

Wand met machines van Artillerie Inrichtingen in SHCRTT-museum

Nekaf Diesel van Artillerie Inrichtingen

Nekaf Diesel van Artillerie Inrichtingen.

Terug naar Menu Artillerie Inrichtingen