vlag shcrtt TD kraagspiegel

Stichting Historische Collectie Regiment Technische Troepen

Datum vandaag:

SHCRTT

Hembrug terrein met Artillerie Inrichtingen

Productie artilleriegranaten in fabriek Artillerie Inrichtingen.

Machine wand Artillerie Inrichtingen in museum.


De machines langs deze wand zijn afkomstig van het voormalige Staatsbedrijf der Artillerie Inrichtingen in Zaandam. Ze zijn zo opgesteld om u een indruk te geven hoe het er in die fabriek begin 20e eeuw uitzag. Hieronder de beschrijving van de machines zoals ze van links naar rechts staan opgesteld.

1. Elektrische hoofdmotor.

De machines in de fabriekshallen van de AI (Artillerie Inrichtingen) werden aangedreven door centrale assen die met constante snelheid draaiden. De juiste draaisnelheid per machine werd verkregen door het aanpassen van de diameters van de riemschijven.

Machinewand van Artillerie Inrichtingen in TD museum

Stoomleiding op standvinken op AI-Hembrug terrein.

In 1813 beschikte de AI al over stoommachines voor de aandrijving van deze centrale assen. Bij de nieuwbouw van het complex Hembrug van 1896 tot 1899 werd dit direct voorzien van de modernste elektriciteits- en gasinstallaties, maar stoom was toen de enige energiebron die veilig gebruikt kon worden in de buurt van munitie. Stoom- en retourwaterleidingen verbonden het ketelhuis met de stoommachines in de productiehallen. Deze leidingen lagen op zogenaamde “standvinken”.

Later ging men over op perslucht. De leidingen hiervoor werden eenvoudig onder de stoomleidingen gehangen. Dit buizenstelsel was een kenmerkend beeld voor fabrieksterreinen in die periode.

Elektromotor.

Elektrische hoofdmotor.

In hallen zonder direct explosiegevaar werden ook elektromotoren toegepast, zoals de hier getoonde. Daar deze motor van het borstel loze type is, dus vonkenvrij, is hij in principe ook explosieveilig. Gegevens van deze motor:

Elektromotor:
Model N2KD 50/8 van N.V. Electromotorenfabriek Dordrecht
Bouwjaar:
Eind 1920’er, begin 1930’er jaren.
Type:
Asynchrone draaistroommotor met kortsluitanker.
Vermogen:
3,7 KW / 5 pk, 720 omw/min.
Aansluitwaarden:
660 V /5 A sterschakeling of 380 V /8,76 A driehoekschakeling


Slijpsteen draaiend in water.

Slijpmachine zandsteen.

2. Slijpmachine zandsteen.

Bouwjaar: Beginjaren 20e eeuw.

De slijpsteen werd aangedreven door de centrale as in de hal en draaide continu. De steen liep in een bak met water dat diende als koel- en smeermiddel voor het slijpproces. Daardoor kon een bijzonder glad oppervlak worden verkregen.

De steen is van zandsteen. Meestal werd hiervoor het Bentheimer zandsteen gebruikt dat door zijn fijnkorrelige en gelijkmatige structuur, behalve als bouwmateriaal, ook bijzonder geschikt was als molen- of slijpsteen. In 1250 werd dit zandsteen al bij Bad Bentheim gewonnen. Op een houtsnede uit de 16e eeuw is een slijpsteen afgebeeld van soortgelijke constructie, maar dan met trapaandrijving. Het is dus een eeuwenoud proces.

Tot en met de eerste helft van de 20e eeuw vonden deze slijpstenen, meestal voorzien van een slinger voor handaandrijving, algemene toepassing in onder andere smidsen, boerenbedrijven en dergelijke voor het slijpen van gereedschappen.

Beugelzaaagmachine.

Zaagmachine.

3. Beugelzaagmachine.

Bouwjaar: Beginjaren 20e eeuw.

Ook deze zaagmachine werd aangedreven door een riem vanaf de centrale as in de hal. De riem draaide over een vrij draaiende riemschijf op de machine. Met het rode hendel werd deze riemschijf gekoppeld aan de hoofdas van de machine en zette de zaag zich in beweging.

De afmetingen van het werkstuk werden beperkt door de lengte van het zaagblad en de slag van de zaagbeugel. De druk van de zaag werd geregeld door het verschuiven van het balansgewicht boven op de beugel. Om het werkstuk te kunnen wisselen, werd de beugel opgetild en met het zwarte hendel vastgezet.

Het zaagblad kon worden gewisseld om aan te passen aan het soort materiaal: grove tanden voor zacht en fijne tanden voor hard materiaal. De tanden moesten wijzen in de richting zoals aangegeven op de beugel.

Bij de Artillerie Inrichtingen werd deze machine gebruikt voor het afkorten van materiaal.


Slijpsteen draaiend in water.

Kolomboormachine


4. Kolomboormachine.

Bouwjaar: Circa 1900.

De kolomboormachine werd aangedreven door de centrale as. De aandrijfriem hiervan liep over een vrij draaiende riemschijf van de boormachine. Met het voetpedaal werd deze riem over de riemschijf geschoven die vast verbonden is met de andere riemschijven en zette de andere riem zich in beweging. Hierdoor begon de boor te draaien. De draaisnelheid van de boor werd aangepast door de riem op een ander stel riemschijven te leggen.

De boorhouder is met een zogenaamde “morse conus” in de booras gestoken en werd gebruikt om kleine boren met cilindrische schacht in te klemmen. Door een wig in de sleuf in de booras te steken, kon de boorhouder worden verwijderd en grotere boren met conische schacht rechtstreeks worden geplaatst. Door de morse conus zaten deze direct klemvast.

Deze machine werd door de Artillerie Inrichtingen gebruikt voor algemeen boorwerk.


5. Slijpmachine korund / amaril.

Bouwjaar: Beginjaren 20e eeuw.

Beugelzaaagmachine.

Slijpmachine korund en amaril.

Deze slijpmachine werd aangedreven door de centrale as in de hal en draaide continu. Door de verhouding in diameters van de riemschijven, werd een hoge draaisnelheid van de twee slijpschijven verkregen. De machine heeft een grove en een fijne slijpsteen.

De stenen zijn gemaakt van korrels korund en amaril die onder hoge druk zijn samengeperst en met bindmiddel bij elkaar worden gehouden. Door onjuiste belasting, b.v. door een verkeerd afgestelde leunspaan, kunnen deze stenen uit elkaar springen. Daarom bevinden er zich beschermkappen nagenoeg geheel rondom de schijven.

De grove harde korund steen is geschikt voor het doorslijpen of afbramen terwijl de fijnere amaril steen heel gladde oppervlakken geeft, geschikt voor beitels en dergelijke.

Deze slijpmachines worden tegenwoordig door elektromotoren aangedreven en zijn nog veelvuldig in gebruik.



Terug naar Menu Artillerie Inrichtingen